Route van Groessen naar Santiago de Compostela

Vanuit Groessen fietsen we via de pelgrimsroute Lang Oude wegen naar Oloron St. Marie in Zuidwest Frankrijk. Daar rijden we via de Col du Somport naar Puenta la Reine, van oudsher de verzamelplaats voor pelgrims. We vervolgen de weg via de St. Jacobsroute (Camino Frances) naar Santiago de Compostela. Als we goede benen hebben, fietsen we door naar Finisterra (Atlantische kust). Dit doen we niet om onze kleding ritueel te verbranden, zoals pelgrims plegen te doen, maar omdat deze plaats genoemd wordt in het boek Nachttrein naar Lissabon (Pascal Mercier) en Jet erg benieuwd is hoe deze plaats er in werkelijkheid uitziet. 

Onze fietstocht is bijna 2700 kilometer lang. Onze route voert ons over de Ardennen, de uitlopers van het Centraal Massief in Frankrijk, de Pyreneeën en de Spaanse hoogvlakte.

 

In de Ardennen zijn de wegen steil. De wegen zijn niet met bochten aangelegd om het hellingspercentage te reguleren. ‘De kortste weg tussen A en B is een rechte lijn’, lijkt het adagio. Kortom, echte kuitenbijters.

Dat de Pyreneeën met bulten tot meer dan 1600 meter geen sinecure is, moge duidelijk zijn.

En dan is er natuurlijk ook nog de wind. Het is geen uitzondering dat de wind op de vlakten van de Tierra de Campos (Spaanse hoogvlakten) kan aanwakkeren tot wel windkracht 9. Een krachtige wind in de rug is ‘ein gefundenes Fressen’, de realiteit is echter dat de wind doorgaans vanuit het zuidwesten waait, dus volop in onze snufferd.

Maar als je, zoals wij te lelijk zijn voor het strand en te dom voor het museum, dan rest maar één vorm van vakantievieren en dat is …….. fietsen (tegen de berg op en wind tegen).

Vorig jaar (2013) hebben we al een deel van de route gereden. We zijn gekomen tot Troyes. Ons viel de schoonheid van het Waalse heuvellandschap op. We dachten dat Wallonië arm was. Dit bleek in ieder geval niet op de route die wij reden. Afgezien van sommige wegen lagen de dorpen, huizen en tuinen er zeer ordentelijk bij.

Wat ons ook opviel was de verlatenheid van Noord Frankrijk. Migratie en urbanisatie heeft hier z’n sporen achtergelaten. Verlaten dorpen, stilstaande klokken op kerktorens, scholen/gemeentehuizen die dienst deden als garage voor tractoren waren geen uitzondering. De monumenten die de herinnering aan de eerste wereldoorlog in leven hielden, waren daarentegen overal tiptop in orde.